Consument drijft de casualisering

Fast Casual is in opkomst en ook in Nederland zien we steeds meer van dit type outlets verschijnen. De grootste drijver hierachter is de consument, die acht redenen heeft om zich thuis te voelen bij casual concepten. Dit is één van de achtergrondartikelen uit onze FSIN FoodShopper Monitor 2016.

1. Consument wil snelle, informele beleving

1 december 2015 - De consument vraagt om beleving, maar wil wel informeel en snel worden bediend. Dit betekent dat vrijwel alle nieuwkomers in de restaurantsector een informeel concept hanteren. Vaak is sprake van een vorm van systeemgastronomie, gecombineerd met een ambachtelijke beleving en een focus op enkele kernproducten met verse ingrediënten. Veelgenoemde voorbeelden: Vapiano en La Place.

 

2. Consument vatbaar voor acties

De consument is vatbaar voor incidentele en structurele prijsacties. Hierop spelen de horeca zelf en georganiseerde actiecampagnes adequaat in. Naast de Restaurantweek, diners voor een discountprijs, zijn er tal van andere collectieve campagnes ter promotie van de sector. Ook couponorganisaties als Sweet Deal en Groupon voorzien in een behoefte van de consument.

 

3. Consument is blijvend prijskritisch

Zowel particuliere als zakelijke consumenten zijn blijvend prijskritisch. Bedrijven stellen de laatste jaren in toenemende mate strikte limieten aan de gemiddelde ticketprijs van zakendiners. Particulieren kijken goed naar de prijskwaliteitverhouding en vergelijken prijzen online. Restaurants in de hoogste segmenten werden en worden hierdoor gedwongen hun prijsbeleid tegen het licht te houden.



4. Consument dwingt topkok

Consumenten willen graag genieten van topsmaken, maar tellen hiervoor niet meer zonder blikken of blozen veel geld neer. Topkoks haken in op deze trend. Robert Kranenborg lanceerde hamburgerzaak Thrill Grill in Amsterdam. Ron Blaauw bedacht de franchiseformule The Fat Dog. Hans van Wolde van sterrenrestaurant Beluga in Maastricht schiep een laagdrempeliger concept. Sergio Herman ruilde Oud-Sluis in voor The Jane in Antwerpen, gespecialiseerd in tasting menu’s.

 

5. Consument verdringt wit tafellinnen

Stijf wit tafellinnen past minder goed bij de informeler geworden consument. Ook de laatste betere restaurants halen mede hierom het witte linnen van tafel. Recentelijk was dit bijvoorbeeld het geval bij toprestaurant De Hoefslag in Bosch en Duin. Eigentijdse tafellopers passen beter bij de geïnformaliseerde consument. Veel restaurants volstaan met placemats of zelfs helemaal geen tafelkleed.

 

 

 


6. Consument laat zich verrassen

De consument werd de afgelopen decennia steeds avontuurlijker. Hij laat zich graag verrassen door het dagverse aanbod van de kok. Hij raadpleegt de kaart minder dan voorheen en eet dus in afnemende mate à la carte. De traditionele drie-eenheid van voor-, hoofd- en nagerecht is voor de casualiserende gast steeds minder een vanzelfsprekendheid. Vooral vrouwen kiezen anders: liever enkele kleine lichte gerechten of proeverijen dan complete menu’s.

 

7. Consument is wars van kanalen

De consument wordt steeds meer een last minute-beslisser. Bovendien denkt hij niet meer in kanalen. Reserveerde hij voorheen een tafel in een restaurant, nu eet hij ergens buiten de deur. Dat is toch een significant verschil. Voor de consument zijn alle eetadresjes, van haute gastronomie tot fastfood en fastcasual, serieuze opties bij zijn last minute overwegingen. Iedereen die buitenshuis eten en drinken serveert, zal dus op een andere manier dan vroeger zijn best moeten doen om deze wispelturige consument te verleiden.

 

8. Consument gaat te kust en te keur

De consument weet veel (of denkt dit in elk geval van zichzelf). Hij is immers zelf een begenadigd (hobby)kok en volgt (top)koks via boeken, YouTube en tv-programma’s. Verder kan de consument zijn culinaire kennis op allerlei fronten verdiepen via sociale media en internet. Hij is goed op de hoogte van nieuwe trends en nieuwe smaken. Ook omdat supermarkten foodtrends sneller adopteren, is het steeds lastiger om de consument te verrassen. Daarbij is de consument ook nog eens kritischer ten aanzien van bijvoorbeeld foodwaste, het gebruik van seizoensproducten, bereidingsmethoden (frituren) en ingrediënten.

Kan je iemand helpen met dit artikel? Deel het!